Publication / Strafrecht

Sanctionering van normschendingen

Sanctionering van normschendingen

Author:
3-06-2017

Zowel de Curaçaose als Nederlandse wet biedt de mogelijkheid aan de rechter om normschendingen, begaan in het voorbereidend onderzoek van de politie, te sanctioneren. De volgende sancties zijn mogelijk: strafvermindering, bewijsuitsluiting en niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie in de vervolging van een verdachte. Vooral de laatste twee sancties kunnen noodzakelijk zijn ter verzekering van het recht van een verdachte op een eerlijk proces. Zoals gezegd heeft de rechter de ‘mogelijkheid’ om te sanctioneren, het betreft derhalve geen verplichting. De rechter kan in plaats van een sanctionering ook volstaan met de enkele constatering dat een normschending heeft plaatsgevonden, hetgeen steeds vaker lijkt te gebeuren en de nodige gevaren met zich meebrengt. Op deze gevaren zal nader worden ingegaan in dit artikel. 

Bij normschendingen tijdens het voorbereidend onderzoek moet worden gedacht aan vormverzuimen die zich vanuit de zijde van de politie voordoen tijdens (voor)onderzoeken. Hieronder volgen twee voorbeelden van vormverzuimen die in dit artikel ook nader aan bod zullen komen: i. het niet binnen een redelijke termijn afdoen van een strafzaak en ii. het onrechtmatig verrichten van een huiszoeking. 

De niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie is de zwaarste sanctie die naar aanleiding van een normschending kan worden opgelegd door de rechter. In het geval dat deze sanctie wordt opgelegd, vindt er geen inhoudelijke beoordeling van de zaak meer plaats. In het verleden heeft de rechter deze sanctie bijvoorbeeld enkele keren opgelegd, omdat de strafzaak niet binnen een redelijke termijn (lees: twee jaar) was afgedaan (complexe zaken hiervan uitgezonderd) en de schuld hiervan niet bij de verdachte lag. Tegenwoordig is zelfs een forse overschrijding van de hiervoor genoemde termijn (ook bij minderjarigen) volgens de Hoge Raad niet voldoende om het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in de vervolging. De huidige tendens bij de Hoge Raad is dat niet-ontvankelijkheidsverweren überhaupt worden verworpen. Volgens de Hoge Raad volstaat strafvermindering bij een (forse) termijnoverschrijding. 
 
In de regel kan bewijsuitsluiting worden toegepast als een concreet belang van een verdachte is geschaad, waardoor hij in zijn verdediging is benadeeld. Hierbij telt het belang van een verdachte dat het door hem gepleegde feit niet zal worden ontdekt, niet mee. Echter, net zoals bij de sanctie ‘niet-ontvankelijkheid’, is bij de sanctie ‘bewijsuitsluiting’ de tendens bij de Hoge Raad zichtbaar, dat bewijsuitsluiting niet of minder wordt uitgesproken, waar dit vroeger in soortgelijke gevallen nog wel gebeurde.   

Een veel gehoord argument voor deze tendens is dat ‘formele’ fouten in het voorbereidend onderzoek niet ten koste moeten gaan van de materiële waarheid, oftewel: een verdachte moet zijn straf niet kunnen ontlopen, omdat er bepaalde (grove) fouten zijn gemaakt (door de politie) in het voorbereidend onderzoek. Het belang van de materiële waarheidsvinding, de eventuele slachtoffers en de samenleving vindt men in een dergelijk geval derhalve zwaarder wegen dan het respecteren van de procedurele regels.

Tot op zekere hoogte kan ik mij in dit argument vinden, met de nadruk op ‘tot op zekere hoogte’. Er gaat namelijk een gevaar schuil in voornoemde tendens. Door het als het ware ‘dood’ maken van de sancties ‘niet-ontvankelijkheid’ en ‘bewijsuitsluiting’, kan ik mij voorstellen dat de politie zich niet of minder dan in het verleden afgeschrikt voelt om, indien het nodig is voor het rond krijgen van een zaak, in het voorbereidend onderzoek inbreuk te maken op belangrijke (grond)rechten van burgers. Vaststaat dat normschendingen in ieder geval tot op heden nog in groten getale plaatsvinden. 

Indien de rechter ter terechtzitting niet al volstaat met de enkele constatering van de normschending, kan een eventuele strafvermindering vanwege een normschending door de politie op de koop toe worden genomen. Zonder de normschending had de politie de zaak wellicht überhaupt niet rond gekregen, waardoor de politie het voordeel heeft genoten dat er ondanks een normschending, alsnog een veroordeling heeft plaatsgevonden. Kortgezegd is er sprake van een disbalans tussen normschendingen en de wijze waarop eventuele sanctionering van deze schendingen plaatsvindt (vaak slechts strafvermindering of de enkele constatering zonder sanctionering). Een echte ‘trigger’ om zorgvuldiger om te gaan met de (grond)rechten van burgers, lijkt er hierdoor niet te zijn voor de politie. 

Ondanks het bovenstaande wordt er terecht tijdens diverse cursussen, zowel verzorgd door de rechterlijke macht, als door de advocatuur, op aangedrongen om bewijsuitsluitingsverweren te blijven voeren, indien daartoe aanleiding bestaat. Het is immers van groot belang om te proberen het beste resultaat voor je cliënt te behalen. Los van het individuele belang van een cliënt gaat het hier echter om het grotere plaatje, namelijk de bescherming van de rechtsstatelijke waarborgen en (grond)rechten van burgers. De politie dient deze (grond)rechten te respecteren, net zoals van burgers wordt verwacht dat zij zich aan de wet houden. 

Het respecteren van de (grond)rechten is voor een ieder van belang, zelfs voor burgers die menen niets te verbergen te hebben voor de politie. Denk bijvoorbeeld aan de negatieve gevolgen van een onrechtmatige huiszoeking. Een huiszoeking maakt inbreuk op het huisrecht en de privacy en kan de indruk wekken bij buurtbewoners dat u iets strafbaars heeft gedaan, terwijl u zelf wellicht weet dat dit niet het geval is. Daarnaast kunt u, zeker op een eiland als Curaçao, al snel negatief in de media komen door dergelijke ingrijpende acties. Dit kan zorgen voor enorme (reputatie)schade en gevoel van schaamte, ook al zou later nog komen vast te staan dat de huiszoeking nooit had mogen plaatsvinden en niets strafbaars is aangetroffen tijdens de huiszoeking. Het kwaad is op dat moment immers al geschied.

Indien u in de praktijk te maken krijgt met normschendingen, begaan in het voorbereidend onderzoek van de politie, raadpleeg dan een advocaat om zoveel mogelijk te verzekeren uw rechten door de politie worden gerespecteerd. SMS Attorneys at Law staat u graag bij in dergelijke situaties.